Naar hoofdinhoud
Blog

Zeeland en het betaald voetbal — het verhaal van een provincie die het even had, en het nooit vergat

Op 18 augustus 1990 was het zover. Voor ruim 4.000 toeschouwers aan de Irislaan in Vlissingen speelde VC Vlissingen zijn eerste wedstrijd in het betaald...

Redactie Vlissingen Krant
6 min lezen

Op 18 augustus 1990 was het zover. Voor ruim 4.000 toeschouwers aan de Irislaan in Vlissingen speelde VC Vlissingen zijn eerste wedstrijd in het betaald voetbal. Tegenstander RBC werd met 2-0 verslagen. Zelfs Rinus Michels kwam kijken. Het was het begin van een avontuur dat maar twee jaar zou duren — maar dat Zeeland nooit meer heeft losgelaten. Want inmiddels is Zeeland al twintig jaar de enige Nederlandse provincie zonder profclub. En de liefde voor het voetbal? Die is er nog steeds.

Hoe VC Vlissingen de stap naar het betaald voetbal waagde

Het begon met een bekerreeks die niemand had zien aankomen. In het seizoen 1988-1989 schakelde de Vlissingse amateurclub VC Vlissingen achtereenvolgens De Graafschap, FC Den Bosch en Telstar uit. Niet met geluk, maar met voetbal. Met karakter. De grote man in die ploeg was Peter van Vossen, een spits die met zijn goals en zijn mentaliteit de hele regio in vuur en vlam zette.

De kwartfinale tegen FC Den Haag trok maar liefst 5.500 toeschouwers naar de Irislaan. Voor een amateurclub in Zeeland was dat een getal om duizelig van te worden. De sfeer die dag vertelde alles: hier leefde iets. Hier wilde een gemeenschap iets groters. Na die bekerreeks groeide het enthousiasme al snel uit tot een serieus plan. Er werd een commissie opgericht, er werd een licentieaanvraag ingediend, en uiteindelijk maakte VC Vlissingen de historische sprong naar het betaald voetbal.

Twee jaar profvoetbal - de hoogte- en dieptepunten

Die eerste wedstrijd, de 2-0 winst op RBC, zal voor veel Zeeuwen onvergetelijk zijn gebleven. Er hing iets in de lucht die zomeravond aan de Irislaan — een gevoel dat Zeeland er eindelijk bij hoorde. Bij het echte voetbal. Bij de profclubs die de rest van Nederland al decennia kende.

Maar de realiteit van het profvoetbal was hard. Financiële problemen doken al vroeg op, nog voor de ploeg goed en wel van start was gegaan. De club wijzigde haar naam in VCV Zeeland, in een poging de regio meer te omarmen en draagvlak te vinden buiten Vlissingen. Het mocht niet baten. Twee seizoenen lang eindigde de ploeg als laatste in de Eerste Divisie. De kwaliteit was er, de wil was er, maar de financiële basis was dat niet. In 1992 werd de licentie niet verlengd. Twee jaar later, in 1994, volgde het faillissement.

Het zou makkelijk zijn om dit verhaal weg te zetten als een mislukking. Maar dat is het niet. Het is het verhaal van een regio die iets ondernam. Die durfde te dromen. Dat het avontuur te groot bleek voor de basis eronder, doet niets af aan de moed die ervoor nodig was om het überhaupt te proberen.

Wat Zeeland miste én nog steeds mist

Sinds 2005 is Zeeland de enige provincie in Nederland zonder profclub. Dat was het jaar dat Almere City FC toetrad tot de eerste divisie, waarmee Flevoland ook een betaald voetbalclub had. Dat is een feit dat Zeeuwse voetbalfans maar moeilijk van zich af kunnen schudden. Niet omdat ze er elke dag mee bezig zijn, maar omdat het zo nu en dan gewoon opduikt. Als er een nieuwe competitiedag aanbreekt. Als de Eredivisie-uitslagen binnenkomen. Als ergens in het land een nieuw stadion wordt geopend.

Oud-spelers als Remco van Keeken en Romeo van Aerde, beiden geworteld in de Zeeuwse voetbalwereld, benoemen die leegte zonder omhaal. Er is geen club om op te leven. Geen thuiswedstrijd om naar toe te gaan. Geen kampioensfeest in de eigen stad. Dat mist — niet dramatisch, maar sluimerend. Als een lege stoel aan tafel waar je inmiddels aan gewend bent, maar die je toch af en toe opvalt.

Tegelijkertijd is de passie voor voetbal in Zeeland allesbehalve gedoofd. De amateurclubs trekken nog altijd volle velden. Kinderen spelen nog steeds op grasveldjes langs de Zeeuwse dijken. De liefde voor het spel is er. Alleen de professionele uiting ervan ontbreekt.

Hoe Zeeuwen het profvoetbal volgen — van de tribune tot het scherm

Wie als Zeeuw van het profvoetbal houdt, heeft geleerd om op afstand te kijken. Dat betekent reizen — naar Goes of Middelburg voor amateurvoetbal, naar Breda of Rotterdam of Gent voor een echte profwedstrijd. Het betekent ook thuis blijven en de wedstrijd volgen via televisie, met een kop koffie en misschien het gezelschap van iemand die net zo graag had gewild dat er een eigen club was om op te leven.

Zonder eigen profclub volgen veel Zeeuwen het betaald voetbal al jaren van een afstand — via bijvoorbeeld televisie, via live scores, via Vbet. De passie is er nog. Alleen het stadion om naartoe te gaan ontbreekt.

Het is een vorm van betrokkenheid die de moderne voetballiefhebber kent. Je volgt je favoriete competitie, je weet welke wedstrijden er zijn, je houdt de standen bij. Niet vanuit een stadion op loopafstand, maar vanuit je woonkamer, je telefoon, je tablet. Voor Zeeuwen is dat al jaren de normaalste zaak van de wereld.

Komt er ooit weer betaald voetbal in Zeeland?

Het is de vraag die af en toe opduikt in kroegen, op velden, in gesprekken tussen Zeeuwse voetballiefhebbers van een bepaalde leeftijd. Zou het kunnen? Zou het mogen?

Het avontuur van VC Vlissingen leerde dat enthousiasme alleen niet genoeg is. Dat een licentie en een liefde voor het spel een stevige financiële en organisatorische basis nodig hebben om te overleven in het profvoetbal. Zeeland heeft nooit een grote bevolkingsdichtheid gehad, en de provincie heeft altijd gevochten om de aandacht van sponsors en investeerders die hun geld liever in de Randstad staken.

Maar de omstandigheden veranderen. De tweede divisie is in de afgelopen jaren professioneler geworden. Regionale clubs als Telstar laten zien dat betaald voetbal buiten de grote steden mogelijk is, mits de organisatie klopt. En in Zeeland zijn er nog altijd mensen die dromen. Die denken: als het in 1990 kon, waarom dan niet opnieuw?

Er is geen garantie. Er is ook geen reden voor valse hoop. Maar er is wel iets wat Zeeland al die jaren heeft bewaard: de herinnering aan een avontuur dat te vroeg eindigde, en de stille overtuiging dat het verhaal misschien nog niet af is.

Gepubliceerd op door de redactie van Vlissingen Krant
Tip de redactie

Verder lezen

Alle artikelen →